Gebruik doping en sportvoedingssupplementen laag, maar niet zonder risico’s

Dit blijkt uit een recent onderzoek van het RIVM naar het gebruik van sportprestatie- verhogende middelen in de breedtesport. In 2016 rapporteerde 1,2% van de Nederlanders van 15 jaar en ouder ooit een prestatieverhogend middel te hebben gebruikt (onderzoek uitgevoerd onder ruim 10.000 mensen). Vertaald naar de totale Nederlandse bevolking komt dit neer op ongeveer 168.000 personen. Het gaat hier voornamelijk om voedingssupplementen zoals pre-workout-producten en cafeïne supplementen. In het rapport is ook doping meegenomen, denk aan anabole steroïden of amfetamine. 

Zowel doping als sportvoedingssupplementen vallen in dit onderzoek onder de noemer ‘sportprestatieverhogende middelen’. Belangrijk bij de interpretatie van de onderzoeksresultaten is dat er niet apart naar het gebruik van supplementen is gevraagd. Dit kan geleid hebben tot een onderrapportage van het supplementengebruik. Extra vragen over het gebruik van specifieke supplementen zijn toegevoegd aan de Leefstijlmonitor in 2018. 

Het gebruik van sportvoedingssupplementen is niet altijd zonder risico’s. Supplementen kunnen stoffen bevatten die niet op de etiketten vermeld staan en kunnen daarnaast ook dopingstoffen bevatten. Het is belangrijk om de consument goed te informeren over de mogelijke risico’s van sportvoedingssupplementen. 

Meer weten over veelgebruikte supplementen om in je werk anderen zo goed mogelijk te kunnen informeren?

De Supplementenwijzer app van de Dopingautoriteit helpt ook bij vragen die ontstaan rondom voedingssupplementen. 

Bekijk het RIVM dopingonderzoek 2017 op ‘Sport en bewegen in cijfers’.

Bron www.sportenbewegenincijfers.nl