Terug naar overzicht

Buurtsportvereniging

Doel Het doel van de BuurtSportVereniging (BSV) is dat bewoners in achterstandswijken die niet of onvoldoende deelnemen aan sport en andere maatschappelijke activiteiten structureel meer gaan sporten en bewegen en dat zij meer betrokkenheid tonen bij het organiseren van (maatschappelijke) activiteiten en sport in de wijk om zo een bijdrage te leveren aan hun ideale wijk waarin mogelijkheden zijn voor een leven lang sporten voor iedereen, van jong tot oud.

De BuurtSportVereniging heeft drie subdoelen:

  1. Vergroten van sportdeelname in de wijk: meer bewoners hebben een actieve levensstijl
  2. Verbeteren van sportaanbod in de wijk: sportaanbod is verbeterd en sluit aan bij de wensen van de bewoners in de wijk
  3. Versterken van de pedagogische civil society: bewoners realiseren (zoveel mogelijk) zelf het door hen gewenste sport- en spelaanbod en de sociale cohesie is duurzaam versterkt.

Doelgroep De BuurtSportVereniging organiseert sportieve activiteiten in de eigen buurt voor bewoners in de wijk – van jong tot oud – die niet of onvoldoende deelnemen aan sport of andere maatschappelijke activiteiten. De precieze doelgroep in een specifieke wijk wordt bepaald aan de hand van een wijkscan en behoeftepeiling onder de doelgroep. Aanpak Deze vorm van buurtsport is een project om door het organiseren van sportieve activiteiten te komen tot een duurzaam organisatiemodel waarbij het zelf organiserend vermogen van bewoners wordt benut. De interventie BuurtSportVereniging richt zich op wijken met achterstanden op het gebied van sport en bewegen waar (nog) geen sprake is van een vitale netwerkorganisatie waarin bewoners het initiatief nemen. Het centrale principe van het organiseren van sportieve activiteiten in de buurt is overal gelijk, het organisatiemodel is aanpasbaar aan de lokale praktijk. Om te komen tot een BuurtSportVereniging gaat de interventie uit van vier fasen:

  1. Verkennen: in kaart brengen van bestaande situatie, verkennen van behoeften in de wijk en smeden van een netwerk.
  2. Verbeelden: bepalen van realistische ambities en voorbereiden actieplan
  3. Vormgeven: opstellen van het plan van aanpak voor de wijk
  4. Verankeren: realiseren van een duurzame organisatievorm in de wijk In een tijdspad van twee jaar wordt onder regie van een uitvoerend professional toegewerkt naar een duurzaam samenwerkingsverband van bewoners en aanbieders die samen de BuurtSportVereniging draaiende houden. Materiaal: Er zijn verschillende materialen beschikbaar bij Sportservice Noord-Holland: een handleiding voor professionals en materialen voor uitvoeren van werkvormen, wijkscan en behoeftepeiling.

Probleembeschrijving

Probleem

In kwetsbare wijken met een lage sociaal-economische status blijft de sportparticipatie achter bij het landelijke gemiddelde. In deze wijken wonen relatief veel lage inkomensgroepen en niet-westerse allochtonen; groepen die minder vaak sporten dan autochtone en meer welgestelde burgers. Tevens zijn deze groepen minder vaak lid van een sportvereniging (Hermens & Van Marissing, 2012). Zo blijkt uit onderzoek van Duijvestijn (2007, in: Hermens & Van Marissing, 2012) dat in 2007 slechts 7,4 procent van bewoners uit de zogenoemde Vogelaarwijken lid was van een sportvereniging ten opzichte van 31 procent van de gehele Nederlandse bevolking.

Oorzaken

Deze kwetsbare buurten kenmerken zich, naast sociaal-economische achterstanden, zoals armoede en taalproblemen, vaak ook doordat er sprake is van jeugdoverlast en gevoelens van onveiligheid op straat. Hierdoor zijn ouders terughoudend in het vrij buiten laten spelen van hun kinderen (Hermens & Van Marissing, 2012). Uit onderzoek van Broeders et al. (2011, in: Hermens & Van Marissing, 2012) blijkt dat kinderen van ouders met weinig geld en/of een niet-westerse achtergrond en/of een laag opleidingsniveau minder vaak buiten spelen en minder vaak lid zijn van een vereniging dan gemiddeld in Nederland. Onder meer omdat veel sportverenigingen buiten de wijk liggen is sporten bij een traditionele vereniging voor bovenstaande groepen vaak letterlijk en figuurlijk onbereikbaar (Hermens & Van Marissing, 2012). Tot slot is de capaciteit van het sportaanbod in deze wijken veelal beperkt en laat de kwaliteit van de sportvoorzieningen te wensen over (Duijvestijn 2007).

Gevolgen

De gevolgen van een lage sportparticipatie beperken zich niet tot alleen individuele effecten zoals overgewicht en een verminderde gezondheid. Meedoen aan, of het organiseren van, sport heeft tevens een belangrijke socialiserende functie. Zo biedt sportparticipatie onder meer een context waar mensen elkaar ontmoeten en sociale contacten opdoen, waar individuele gedragsverandering mogelijk is en informele sociale controle plaatsvindt (SCP 2009).Op wijkniveau biedt sportparticipatie, zowel deelname aan sport als het participeren in de organisatie en uitvoer van sportieve activiteiten, kansen op het gebied van sociale cohesie en het realiseren van een prettige wijk waar ouders hun kinderen veilig kunnen laten buiten spelen (Puyt & Onstenk, 2009). Hiermee speelt sport in de wijk een rol in het realiseren van een sterke pedagogische civil society in de buurt. Het achterblijven van sportieve activiteiten in de wijk verhoogt het risico op jeugdcriminaliteit en jongerenoverlast (Van der Klein, Mak & Van der Gaag, 2011). De BuurtSportVereniging richt zich op deze sociale gevolgen van de lagere sportdeelname.

Doelgroepen

De doelgroep van de interventie BuurtSportVereniging (BSV) zijn bewoners in achterstandswijken die niet of onvoldoende deelnemen aan sport en andere maatschappelijke activiteiten. Welke groep dat is wordt bepaald aan de hand van een behoeftepeiling, die moet worden uitgevoerd voorafgaand aan de interventie moet worden uitgevoerd.In de wijken waar de interventie zich op richt is sprake van achterstanden op het gebied van sport en bewegen en is (nog) geen vitale netwerkorganisatie waarin bewoners het initiatief nemen. Deze wijken kenmerken zich ondermeer door een lage sociaal-economische status en een relatief groot deel allochtone inwoners. Vaak zijn er weinig sportverenigingen, is er weinig tot geen sportaanbod en blijft het aantal leden van sportverenigingen in de wijk achter bij het landelijk gemiddelde.

Intermediaire doelgroep

Bij intermediaire doelgroepen wordt een onderscheid gemaakt tussen doelgroepen op het gebied van sport en bewegen en doelgroepen die vanuit een ander domein (zorg, welzijn, jeugd- of ouderenwerkers, politie) contact hebben met de einddoelgroep.

De eerste intermediaire doelgroep om te komen tot een structureel aanbod van sport- en maatschappelijke activiteiten in de wijk zijn:

  • Trainers en vrijwilligers van sportverenigingen,
  • Professionals op het gebied van sportstimulering en verenigingsadvisering
  • De buurtsportcoach
  • Docenten van scholen
  • Actieve bewoners en zelforganisaties in de wijk

Professionals van diverse maatschappelijke organisaties vormen een tweede intermediaire doelgroep die kan helpen bij het bereiken van de einddoelgroep en benutten van de betrokkenheid in een duurzame (zelf)organisatie.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Buurtbewoners in achterstandswijken die niet of onvoldoende deelnemen aan sport en andere maatschappelijke activiteiten gaan structureel meer sporten en bewegen en tonen meer betrokkenheid bij het organiseren van (maatschappelijke) activiteiten in de wijk om zo een bijdrage te leveren aan hun ideale wijk waarin mogelijkheden zijn voor een leven lang sporten voor iedereen, van jong tot oud.

Subdoel

Voor het bereiken van deze ambitie worden drie subdoelen onderscheiden, namelijk:

Subdoelen einddoelgroep:

  • Bewoners zijn betrokken bij het ontwikkelen en organiseren van het sportaanbod.
  • Bewoners stimuleren elkaar om deel te nemen aan sportactiviteiten.
  • (Meer) bewoners hebben een actieve/sportieve leefstijl.
  • Bewoners hebben meer onderling contact waardoor de sociale cohesie toeneemt.

Subdoelen intermediaire doelgroepen (als er intermediaire doelgroepen zijn):

  • Trainers en vrijwilligers van sportverenigingen ondersteunen bij de uitvoering van sportactiviteiten
  • Professionals op het gebied van sportstimulering en verenigingsadvisering (met name de buurtsportcoach) nemen hun verantwoordelijkheid voor het initiëren en uitvoeren van de interventie en waken over de continuïteit na afloop van de projectperiode.
  • Docenten van scholen zijn zich bewust van de pedagogische waarde van voldoende bewegen binnen en buiten school.
  • Actieve bewoners en zelforganisaties in de wijk voelen zich gewaardeerd en voldoende toegerust om een actieve rol te spelen bij uitvoering van de interventie en het stimuleren en enthousiasmeren van de medebewoners.
  • Professionals van diverse maatschappelijke organisaties erkennen en benutten de waarde van sport en bewegen in het algemeen en meer specifiek van de interventie de BuurtSportVereniging en zetten dit instrument in waar het helpt om hun doelgroepen te bereiken en te ondersteunen.

Randvoorwaarden/organisatorische subdoelen:

  • Professionals op verschillende terreinen werken samen
  • Aanwezige sport- en beweegruimte is geschikt en beschikbaar voor de door de einddoelgroep gewenste activiteiten
  • Er is idealiter een ontmoetingsruimte waar einddoelgroep en intermediaire doelgroepen elkaar kunnen ontmoeten.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

Het uitvoeren van de interventie beslaat twee jaar. Eerst wordt de situatie in de wijk in kaart gebracht en een netwerk gevormd (fase 1 Verkennen). Vervolgens wordt bepaald wat realistische verwachtingen zijn (fase 2 Verbeelden). Nadat deze fasen met succes zijn doorlopen wordt een haalbaar actieplan opgesteld door de partners binnen het samenwerkingsverband (fase 3) en kan de BuurtSportVereniging uiteindelijk zelfstandig verder (fase 4 verankeren). Schematisch zien de fasen er als volgt uit:

Fase 1. Verkennen: 2-3 maanden

Wat is de huidige situatie?

  • Bepalen van het aanwezige sportaanbod
  • Bepalen van de sportparticipatie van verschillende groepen
  • Bepalen van de mate van betrokkenheid en vrijwillige inzet van de bewoners.
  • Vormen van een stuurgroep van professionals en bewoners die de doelstelling bewaakt.

Fase 2. Verbeelden: Ongeveer 6 maanden

Wat is de gewenste situatie? In deze fase wordt bepaald welk duurzaam sportaanbod moet worden aangeboden dat aansluit bij de behoeften van bewoners

  • Inventariseren van de behoeften bij de leden van de doelgroep.
  • Bepalen van de concrete kansen voor nieuw sportaanbod in de wijk.
  • Opstellen van een uitvoeringsplan, wat is de rol van professionals, op welke termijn kunnen activiteiten (deels) worden overgenomen door bewoners, verenigingen en zelforganisaties?
  • Vormen van een werkgroep van de mensen die de activiteiten daadwerkelijke uitvoeren. Zij monitoren het aanbod zowel wat betreft kwaliteit (is het geschikt voor de doelgroep) als vanuit individueel perspectief (zitten mensen bij de goede activiteit op hun niveau).
  • Uitvoeren van een kennismakingsaanbod met minimaal 8 verschillenden activiteiten, enerzijds om de doelgroep bekend te maken met nieuws sportaanbod, anderzijds om in gesprek te komen met de doelgroep. Op basis van de ervaring tijdens het kennismakingsaanbod wordt een Plan van Aanpak opgesteld voor het duurzame sportaanbod.

Fase 3. Vormgeven: Minimaal 1 jaar

Uitvoeren Plan van Aanpak

  • Het wekelijkse sportaanbod wordt gestart met minimaal vier activiteiten die aansluiten bij de behoeften van bewoners en rekening houden met de aanwezige sportieve competenties (vaardigheden).
  • Er worden verschillende vormen van lidmaatschap geïntroduceerd die rekening houden met de betrokkenheid en intrinsieke motivatie.
  • Professionals (bijv. de buurtsportcoach) stimuleren mensen niet alleen om deel te nemen, maar ook een bijdrage te leveren aan de organisatie. Daarbij worden instrumenten ingezet als de talentenkaart en een ondersteuningsprogramma zodat mensen de gewenste sporttechnisch of organisatorische competenties ontwikkelen.

Fase 4. Verankeren: Laatste 3-4 maanden

Realiseren van een duurzame organisatievorm in de wijk

  • De stuurgroep toetst de ontwikkeling van de BuurtSportVereniging aan de hand van de doelstellingen, het vergroten van de sportdeelname en het benutten van het zelf organiserend vermogen.
  • De werkgroep van uitvoerders wordt uitgebreid met mensen die deelnemen of betrokken zijn bij de activiteiten.
  • Gezamenlijk wordt bepaald op welke wijze activiteiten van de BuurtSportVereniging na de projectperiode worden voortgezet. Bijvoorbeeld door aan te sluiten bij een bestaande vereniging, bij een andere maatschappelijke organisatie of door zelfstandig verder te gaan.

Locaties en Uitvoering

Locatie BuurtSportVereniging

Welke locatie het meest geschikt is voor uitvoering van de activiteiten van een BuurtSportVereniging is afhankelijk van de betrokken organisaties en sportverenigingen, beschikbare ruimtes in de buurt, de mogelijkheden in de openbare ruimte en het te realiseren sportaanbod. In het algemeen kan gesteld worden dat de interventie gebaat is bij een centrale ontmoetingsplek waar deelnemers, organisatoren elkaar kunnen spreken. Bij voorkeur is dit een locatie waar ook bewegingsactiviteiten georganiseerd kunnen worden. Een school, buurthuis of moskee kan ook als ontmoetingsplek dienen. De activiteiten vinden idealiter plaats op een herkenbare en vertrouwde plek dichtbij huis, denk aan de school, een sporthal of een plein.

(Mogelijke) uitvoerder(s) en samenwerking De BuurtSportVereniging is een organisatiemodel om te komen tot een netwerk van organisaties en bewoners in de wijk die gezamenlijk een structureel sportaanbod in de wijk gaan organiseren. Afhankelijk van de situatie per wijk kunnen dit zowel professionele organisaties, sportverenigingen, wijkorganisaties als bewoners (vaak actieve bewoners en zelforganisaties) zijn. Dit vereist een duidelijke regie. De buurtsportcoach kan, binnen het eigen takenpakket, een initiërende rol spelen en helpen bij de deskundigheidsbevordering en bewustwording bij de einddoelgroep en de intermediaire netwerkpartners. Na de projectperiode kan de buurtsportcoach waken over de continuïteit.

Samenwerking met een of meerdere sleutelfiguren die de wijk goed kennen is een belangrijke succesfactor. De sleutelfiguren in de wijk bewaken de samenhang in het netwerk; dit vormt de basis voor het vergroten van de bewonersbetrokkenheid. Afhankelijk van de geselecteerde doelgroep (de groep die relatief het minst sportief actief is) worden partners in het netwerk ingezet. Daarbij wordt nadrukkelijk aandacht besteedt aan de bewustwording van netwerkpartners over het belang van de BuurtSportVereniging voor hun doelgroep. Zij staan garant voor de communicatie en werving van de doelgroep, het wegnemen van belemmeringen, het invullen en uitvoeren van activiteiten zodat die voldoen aan de behoeften van de doelgroep en aansluiten bij de sportieve vaardigheden. In de aanpak zijn ook cursussen beschikbaar bij Sportservice Noord-Holland om bewoners, zelforganisaties, en verenigingen op te leiden in het aanbieden van aanbod dat aansluit bij de behoeften en mogelijkheden van bewoners.

Er wordt een lokale projectgroep BuurtSportVereniging opgericht die tijdens de looptijd van het project minimaal 5 keer per jaar bijeen komt (bij aanvang, voor de start van het kennismakingsaanbod, bij het bepalen en het tussentijds evalueren van het duurzame, structurele aanbod, en het uitwerken van de definitieve, zelfstandige organisatiestructuur aan het einde van de projectperiode). Binnen deze projectgroep worden de diverse coördinatietaken verdeeld. 

Ondersteuning

De handleiding BuurtSportVereniging biedt handvaten voor het implementeren en consolideren van een BuurtSportVereniging, gebaseerd op de fasen: verkennen, verbeelden, vormgeven en verankeren (zie ook 2.3 Aanpak).

Er is een onderzoeksrapport waarin de resultaten van de proces- en effectevaluatie worden beschreven van de eerste zeven pilot projecten. Daarin worden de werkzame bestandsdelen uitgebreid beschreven.

Geïnteresseerden die willen onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor het toepassen van de BuurtSportVereniging in de eigen wijk of gemeente, kunnen contact opnemen met Sportservice Noord-Holland (www.sportservicenoordholland.nl).

Bij de implementatie van een nieuwe BuurtSportVereniging biedt ontwikkelaar Sportservice Noord-Holland op verschillende manieren begeleiding. Door het beschikbaar stellen van materialen als het handboek en diverse werkvormen en instrumenten; en door begeleiding van de uitvoerende professional middels training, halfjaarlijkse intervisie en een helpdesk (zie ook kwaliteitsbewaking).

Materialen

De interventie BuurtSportVereniging heeft de volgende materialen ter ondersteuning van de uitvoering beschikbaar:

Materialen voor uitvoerders:

  • Handleiding voor professionals. De handleiding geeft een overzicht en uitleg van de stappen die nodig zijn om een BuurtSportVereniging te realiseren. Ook bevat de handleiding een aantal werkvormen. – Materialen voor uitvoerders: Stappenplan voor het uitvoeren van een wijkscan en materiaal voor een interactieve behoeftepeiling in de wijk. Tevens een usb-stick met alle werkvormen uit de handleiding.
  • Wervingsmaterialen: publieksversie ‘Aan de slag met de BuurtSportVereniging’. Deze folder geeft meer informatie over de interventie.
  • Monitoring en evaluatie: Vragenlijsten voor het uitvoeren van een nul- en eenmeting bij de einddoelgroep.
  • Onderzoeksrapport met resultaten van de proces- en effectevaluatie van zeven pilot-projecten.

Alle genoemde materialen zijn verkrijgbaar bij Sportservice Noord-Holland.

Belangrijke documenten

Printen Uitgebreide beschrijving (pdf)