Terug naar overzicht

Kids in action

Kids in Action is leefstijlinterventie gericht op gezond eten en meer bewegen, waarbij gedragsverandering centraal staat. Er wordt gekeken naar het beweeg- en voedingspatroon van het hele gezin. De ouders hebben een actieve rol binnen het programma. Zij zullen ook een gezondere leefstijl moeten ontwikkelen om hun kinderen zo te stimuleren en te helpen. Ouders zullen zelf het goede voorbeeld moeten geven aan de kinderen. We kijken naar de persoonlijke leefomgeving van de deelnemer. Hier stemmen we de adviezen op af.

Kids in Action is opgebouwd uit twee delen. Een actief participerend deel en een evaluatiegedeelte. Tijdens het actieve gedeelte komen de deelnemers twee keer per week gedurende 4 maanden sporten. Daarna wordt deze frequentie verlaagd naar 1x per week gedurende 2 maanden. Hiervan is het doel dat de kinderen zelf de andere keer invullen door zelf naar een sport te gaan of beweging in te passen in de dagelijkse activiteiten. De kinderen zullen gaan ervaren dat bewegen wel degelijk plezierig kan zijn. Bewegen moet worden ingepast in zijn of haar leefstijl en dient een gewoonte te worden. Tijdens het eerste half jaar waarin de kinderen komen sporten wordt één voorlichting verzorgd door de betrokkenen van het project; de kinderarts, beweeg- & leefstijladviseur, kinderfysiotherapeut en de diëtiste. De beweeg- en leefstijladviseur gaat 1 keer in het eerste half jaar bij het gezin op bezoek. Tijdens dit huisbezoek neemt de leefstijladviseur uitgebreid de tijd om met de ouders de voortgang te bespreken.

Wanneer het actieve gedeelte van Kids in action is afgesloten worden de kinderen om de drie maanden opgeroepen voor een evaluatiemoment. Dit is om de voortgang te bewaken en de ouders en kinderen te blijven ondersteunen bij hun nieuw aangeleerde leefstijl. Ze bevinden zich dan in fase 3-4 van het model “stages of change”. De ouder en kinderen ervaren dit als prettig. Ze hebben op de achtergrond nog een steuntje in de rug.

Probleembeschrijving

Een probleem dat steeds groter wordt in Nederland is het probleem overgewicht. Op steeds jongere leeftijd ontwikkelen kinderen overgewicht met alle gevolgen van dien. Er is maar een klein percentage kinderen dat overgewicht ontwikkeld door een medische oorzaak. (Bulk-Bunschoten, Renders, van Leerdam, & Hirasing, 2005).

In de afgelopen dertig jaar is het aandeel mensen (2-20 jaar) met overgewicht in Nederland toegenomen. Onder jongeren van 12-18 jaar is een stijging van 40% te zien. 13% van de kinderen en jongeren (2-20 jaar) heeft overgewicht en 3% obesitas. (van der Klauw, Verheijden, & Slinger, 2012)

Er zijn verschillende oorzaken voor het ontwikkelen van overgewicht:

  • Meer eten dan nodig: Een scheve energiebalans ontstaat door structureel te veel eten in combinatie met te weinig lichamelijke activiteit (Schrijvers, 2008)
  • Obesogene omgeving: De omgeving van het kind of de jongere heeft grote invloed op zijn eet- en beweegpatroon. Een zogenaamde ‘obesogene’ omgeving stimuleert om veel te eten en weinig te bewegen. In zo’n omgeving geven ouders bijvoorbeeld het verkeerde voorbeeld door te veel te eten, zet reclame aan tot ongezond eten en bewegen kinderen minder door televisiekijken of internetgebruik (Schrijvers, 2008)
  • Kinderen nemen eet- en beweegpatroon over van ouders: Het eet- en beweegpatroon van kinderen wordt onder meer beïnvloed door wat zij van ouders hierover meekrijgen: de opvoedingsregels, voorbeeldgedrag, controle van het voedingsgedrag, aanmoediging, kritiek en het faciliteren van bewegen. (Gezondheidsraad, Overgewicht en obesitatis, 2003)
  • Lagere sociaaleconomische status: Mensen met een lagere sociaaleconomische status hebben meer belemmeringen om voor gezond eten en bewegen te kiezen dan personen met een hogere sociaaleconomische status. Er zijn belemmeringen vanwege: 
  • Fysieke omgevingsfactoren: vaker wonen ze in een minder veilige buurt, waar veel snackbars en afhaalrestaurants zijn. 
  • Economische belemmeringen, doordat het inkomen lager is, en sociaal-culturele: de opvattingen over voeding en beweging. (Gezondheidsraad, Overgewicht en obesitatis, 2003)

Het percentage jeugdigen (4-17 jaar) dat zegt inactief te zijn (twee dagen per week of minder ten minste 60 minuten matig actief), is in 2011 12% en is niet veranderd tussen 2006 en 2011.

43% van de kinderen (4-11-jarigen) vertoont sedentair gedrag (meer dan twee uur per dag computeren en/of TV/DVD kijken in de vrije tijd). Dit percentage is ongewijzigd ten opzichte van eerdere jaren. Adolescenten (12-17 jarigen) blijven de meest risicovolle groep, met gemiddeld ruim 9 uur zitten/liggen op schooldagen en bijna 6 uur op vrije dagen. (Hildebrandt , Bernaards, & Stubbe, 2013)

Kinderen met (ernstig) overgewicht hebben meer kans op gezondheidsproblemen, zowel op jonge als op latere leeftijd. Ze hebben bijvoorbeeld een grote kans op glucose-intolerantie, verhoogde bloeddruk en hypercholesterolemie. Kinderen met obesitas lopen op latere leeftijd meer risico op hart- en vaatziekten. Wanneer iemand al vanaf jonge leeftijd overgewicht heeft, zijn de gezondheidsgevolgen op latere leeftijd extra groot. Er zijn aanwijzingen dat de duur van overgewicht een extra risico betekent voor bijvoorbeeld het ontwikkelen van diabetes mellitus type 2 (Kemper et al., 1999).

Doelgroepen

Kinderen met overgewicht/obesitas in de leeftijd van 6 t/m 16 jaar.
Kids in Action gebruikt voor het bepalen van overgewicht de internationaal geformuleerde leeftijd- en geslachtafhankelijke BMI ‘’Body Mass Index”- criteria. De BMI wordt bepaald door het lichaamsgewicht in kg. te delen door het kwadraat van de lengte in meters; kg/m2. Voor het vaststellen van het BMI bij kinderen zijn referentiediagrammen gepubliceerd (Hirasing, Fredriks, Buuren, & Verloove- Van horick, 2001). De afkapwaarden staan in het protocol.

Onderstaande kenmerken behoren tot de klachten die kunnen ontstaan door overgewicht:
• hoog cholesterolgehalte
• suikerziekte (diabetes)
• bot- en gewrichtspijn
• hoge bloeddruk
• ademhalingsproblemen tijdens de slaap
• depressieve klachten
• onzekerheid, negatief zelfbeeld
• (leer)problemen op school

Tijdens de intake worden deze kenmerken uitgevraagd of getest middels bloedonderzoek. In het protocol wordt staat een uitgebreide beschrijving.

Intermediaire doelgroep

De interventie is zo ontwikkeld dat ouders als intermediaire doelgroep gezien wordt. De ouders kunnen met de kennis die ze door middel van de interventie aangeleerd krijgen de leefstijl van de kinderen beïnvloeden. Het hoofddoel richt zich op de kinderen, middels de ouders willen we het hoofddoel te bereiken.

Daarnaast zijn belangrijke intermediaire doelgroepen, de uitvoerders van de interventie:
• Beweeg & Leefstijladviseur
• Kinderfysiotherapeut
• Diëtiste
• Huisarts
• Kinderarts

De eerste drie professionals worden uitgebreid beschreven bij locatie en uitvoerders. Huisartsen en Kinderartsen zijn belangrijk bij de motivatie en de selectie en staan beschreven bij selectie van doelgroepen.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Doel van Kids in Action is dat jongeren tussen de 6 en 16 jaar tijdens de uitvoeringsfase van Kids in Action (6 maanden) een gezondere leefstijl (meer bewegen en gezonder eten) aannemen en die nieuwe leefstijl ook blijven doorzetten nadat het uitvoeringsprogramma is afgerond, ten einde een bijdrage te leven aan de stabilistatie van het gewicht/ verminderen van het overgewicht/ BMI reductie.

Subdoel

Subdoel kinderen:

• 0-6 maanden
– Meer plezier in bewegen
– Vergroten van het zelfvertrouwen
– Vergroten van bewustzijn van beweeggedrag en voedingsgedrag
– Vergroten van kennis over voeding en beweging
– Verbeteren van aeroob en anaeroob vermogen
– Opschuiven naar stap 3-4 van het model ‘Stages of change’

• 6-24 maanden
– Plezier in bewegen behouden
– Opschuiven naar stap 4-5 van het model ‘Stages of change’
– Aangeleerde leefstijl voortzetten
– Het verbeterde aeroob en anaeroob vermogen minimaal behouden
– Activiteitenniveau verhogen (om toe te werken naar NNGB)

In hoeverre deze subdoelen bij de deelnemer bereikt zijn wordt gemeten met behulp van VAS plezier, VAS zelfvertrouwen, shuttleruntest en 10×5 meter sprinttest

Ouders:
– hebben inzicht in de oorzaken van overgewicht
hebben inzicht in de risico’s van overgewicht
– bezitten kennis van de stappen die van belang zijn om gedragsverandering te weeg te brengen gemeten middels het model “stages of change”.
– bezitten kennis van een gezond voedingspatroon
– bezitten kennis van een gezond beweegpatroon
– zijn zich bewust van hun voorbeeldfunctie en handelen hiernaar
– verminderen de screen-time van hun zoon/dochter tot maximaal 2 uur per dag

Niet ieder doel zal passend zijn bij de ouder(s)/verzorger(s) van de deelnemer. Doelen die niet van toepassingen zijn, zullen niet als doel gesteld worden.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

Opstart interventie

-Team bijeen brengen, draagvlak creëren. : Kinderarts, kinderfysiotherapeut, beweeg- & leefstijladviseur, diëtiste

-Locatie zoeken voor uitvoering (sporthal)

-Overleg met huisartsen voor bekendmaking programma: Draagvlak creëren voor doorverwijzing

-Scholing uitvoerders: Beweeg- & leefstijladviseur

-Financiering zorgverzekering afspreken: Kinderfysiotherapeut, kinderarts, diëtiste (pakket of los; afhankelijk van zorgverzekering)

-Publiciteit geven aan start van de interventie. : GGD en scholen informeren (brieven). Mogelijke deelnemers informeren (krantenartikel)

Fase I Aanmelding

-Aanmelding :Kinderen en hun ouder(s) maken afspraak bij de kinderarts.

Dit kan via huisarts, jeugdarts, schoolarts of eigen initiatief

-Start : Intake afnemen : door Kinderarts, Kinderfysiotherapeut en Diëtiste: Fysieke testen : door Beweeg & leefstijladviseur

Fase II beweegmodule deel I

1 maand : Bezoek diëtiste

Door: Diëtiste

0-4 maanden: Programma volgen Beweegmodule deel I : 2x per week 1 uur

Door :Beweeg & leefstijladviseur

4 maanden: Evaluatie (ouders en kind) + hertesten fysieke testen

Door: Beweeg & leefstijladviseur en Kinderarts

4 maanden: Bezoek diëtiste

Door: Diëtiste

4-6 maanden: Huisbezoek

Door: Beweeg & leefstijladviseur

Fase III Beweegmodule deel II

4-6 maanden: Beweegmodule deel II, Sporten vereniging, Abonnement bij Kids in Action (kinderen blijven in dezelfde groep, ze zijn nog niet klaar om door te stromen. : 1x per week programma + minstens 1x per week sportvereniging

4-6 maanden: Voorlichting: Voor de ouders en kinderen vanaf 12 jaar

6 maanden: Bezoek diëtiste: Afhankelijk van behoefte Diëtiste

6 maanden: Doorstroming naar regulier sportaanbod

6 maanden: Tussen evaluatie (ouders en kind) + hertesten fysieke testen:

Door: Beweeg & leefstijladviseur

Fase IV Evaluatie/ beklijving

6-9 maanden: Consulten en telefonisch contact naar voortgang

Door: Beweeg & leefstijladviseur

9 maanden : Bezoek diëtiste (Afhankelijk van behoefte)

Door: Diëtiste

9 maanden : Evaluatie (ouders en kind) + hermeting fysieke testen

Door: Beweeg & leefstijladviseur, Kinderarts

12 maanden : Evaluatie (ouders en kind) + hermeting fysieke testen

Door: Beweeg & leefstijladviseur en Kinderarts

12 maanden : Bezoek diëtiste Afhankelijk van behoefte

Door: Diëtiste

18 maanden : Evaluatie (ouders en kind) + hermeting fysieke testen

Door: Beweeg & leefstijladviseur en Kinderarts

18 maanden : Bezoek diëtiste (Afhankelijk van behoefte)

Door: Diëtiste

24 maanden : Evaluatie +(ouders en kind) hermeting fysieke testen

Door: Beweeg & leefstijladviseur en Kinderarts

24 maanden : Bezoek diëtiste (Afhankelijk van behoefte)

Door: Diëtiste

Zie bijlage Tabel aanpak Kids in Action

Locaties en Uitvoering

    Beweeg & leefstijladviseur (B&LA)
    De beweeg & leefstijladviseur voert de volgende taken uit binnen het programma; uitvoeren van beweegmodules, afleggen van huisbezoeken, evaluaties en fysieketesten afnemen, tussengesprekken voeren, overhead over de interventie.

    De B&LA heeft kennis van fysiologie, bewegen en gedragsverandering. Deze combinatie maakt de B&LA geschikt om de beweegmodule op zich te nemen.

    Kinderfysiotherapeut
    Het belang van de kinderfysiotherapeut bij dit programma is het waarborgen van de gezondheid van het bewegingsapparaat. De kinderfysiotherapeut zal de intake voor het programma uitvoeren. Ook zullen ze op verzoek van de leefstijladviseur lessen bijwonen. De kinderfysiotherapeut screent de kinderen gezien de ontwikkeling en de motoriek. Ze maakt een inschatting voor de indeling van de groep, tijdens de intake. Dit wordt overlegd met de leefstijladviseur.

    Kinderarts
    De kinderarts zal in het programma een belangrijke rol spelen met betrekking tot het gedrag van de kinderen. De kinderarts screent de kinderen voor deelname en probeert de deelnemer te motiveren. De kinderarts zal de intake en evaluaties voor een deel voor zijn of haar rekening nemen. De kinderarts is (in overleg) aanwezig bij de voorlichtingen.

    Diëtiste
    De diëtiste verzorgt het voedingsgedeelte binnen het programma. Dit advies is op maat en zal per deelnemer verschillen. Het advies richt zich op het gezin. Het aantal bezoeken zal per deelnemer tevens verschillen. Dit voedingsadvies wordt gecommuniceerd naar de andere specialisten, zodat zij hiervan op de hoogte zijn.

    De interventie wordt deels uitgevoerd in een eerstelijns fysiotherapiepraktijk. Daar vinden de contactmomenten met ouders en deelnemers plaats. De lessen worden verzorgd in een nabij gelegen sporthal. 

    Ondersteuning

    Er is een protocol aanwezig voor de implementatie en uitvoering, deze is toegevoegd.

    In het protocol staat beschreven wat de interventie inhoudt. Er wordt per module uitgelegd hoe het er inhoudelijk uit ziet. Van aanmelding tot afsluiten staan de stappen beschreven voor de uitvoerders.

    De interventie-eigenaar zal één uur per week beschikbaar zijn voor vragen. In de opstartfase kan dit worden uitgebreid in overleg.

    Zoals eerder vermeld vindt er een introductiemiddag plaats. Hierin wordt het gehele programma besproken en uitlegt hoe het elders is opgezet en uitgevoerd. De benodigde materialen worden op die middag uitgedeeld.

    Om de kwaliteit van Kids in Action te waarborgen, is het noodzaak om de methodieken beschreven in het handboek te hanteren. Indien een lokale partij deze methodiek niet opvolgt, mag de naam “Kids in Action” niet gebruikt worden. Bovendien willen de initiatiefnemers van de interventie (Beweegcentrum Winschoten) in dergelijk geval geenszins in verband gebracht worden met deze lokale uitvoer.

    Materialen

    Werving

    • Brief huisarts.
      Deze brieven zijn bedoeld om huisartsen op de hoogte te brengen van het project zodat de huisarts weet wat het project inhoudt en weet waar hij de deelnemers naar toe kan verwijzen. 
    • Posters
      Deze posters zijn ter promotie van het project. Deze hangen bijvoorbeeld in de wachtkamer bij de huisarts/ openbare gelegenheden/ scholen.
    • Informatieboekjes
      Dit boekje krijgen de deelnemers van de kinderarts mee. Hierin staat alle informatie over het project. 
    • Website
      De website kent een onderverdeling voor informatievoorziening. Op de startpagina maakt de bezoeker de keuze tussen: kind, volwassenen en verwijzer. De informatie die daar gegeven wordt is per doelgroep uitgewerkt.

    Uitvoering

    • Protocol
      Voor de uitvoering van het project is een protocol aanwezig. Daarin staan alle punten uitgewerkt.
    • Kids in Action boek
      Er is een Kids in Action boek voor de deelnemers. Kids in Action is een langdurig project. Het boek geeft de leidraad weer van het project. Ieder bezoek nemen de deelnemers het boek mee en dan tekent de begeleider hun aanwezigheid in het boek af. De Testuitslagen, bezoeken aan diëtiste, kinderarts en voorlichtingen staan er allemaal in weergegeven. Door het boek zijn ouders op de hoogte van de voortgang van hun kind. 
    • Testmaterialen;
      Voor het uitvoeren van de fysieke testen is een testformulier gemaakt. Hierin kunnen de uitslagen overzichtelijk worden genoteerd.

    Evaluatie 

    Voor de evaluatie van het programma is een vragenlijst aanwezig waarin kinderen en ouders hun mening kunnen geven over het programma aan het einde van het traject.

    Belangrijke documenten

    Printen Uitgebreide beschrijving (pdf)