Terug naar overzicht

KidsXtra

Het programma KidsXtra is bedoeld voor kinderen in de leeftijdscategorie 2 tot 7 jaar, die overgewicht, een motorische achterstand en/of bewegingsangst hebben. Het doel van dit programma is om de motorische achterstanden, bewegingsangst en het overgewicht terug te dringen en om de sociaal-emotionele ontwikkeling te vergroten.

Om dit te realiseren wordt er gebruik gemaakt van een 16 weken durend programma, waarbij de kinderen wekelijks een beweegles krijgen. In deze lessen komen twee belangrijke componenten aan bod: motorische beweegsituaties, waarbij de nadruk ligt op het verbeteren van de motorische vaardigheden, en spelsituaties, waarin de kinderen leren samenwerken en de sociaal-emotionele ontwikkeling gestimuleerd wordt. Tevens doen de kinderen mee aan sportinstuiven die gegeven worden door lokale sport- of beweegaanbieders. Gedurende het programma wordt op twee momenten een motorische test afgenomen.

Naast de kinderen ontvangen ook de ouders ondersteuning. Zij krijgen voorlichting over hoe ze bepaalde gezonde gedragingen bij hun kinderen kunnen stimuleren aan de hand van de SO, die BBOFTT speerpunten.

Kinderen met een motorische achterstand, bewegingsangst of overgewicht belanden vaak in een vicieuze cirkel (minder bewegen, verergering van de problemen), waar ze op eigen houtje moeilijk uit kunnen komen. KidsXtra helpt hen deze vicieuze cirkel te door­breken.

Probleembeschrijving

In de afgelopen jaren zijn er ongunstige veranderingen geweest op het gebied van voeding en beweging. Zo is het aanbod van voeding toegenomen en krijgen kinderen vaak suikerrijke tussendoortjes of dranken. Daarnaast is in de huidige samenleving fysieke activiteit niet meer nodig om te kunnen overleven (WorldHealthOrganization, 2000). Zo doen we steeds meer met de auto, wat resulteert in zowel minder ‘actief transport’ (b.v. lopen of fietsen naar school) als in een onveiligere omgeving om buiten te spelen. Daarnaast is er vaak sprake van een ‘beeldscherm-omgeving’ (b.v. een computer op de kamer, veel televisies in huis), wat leidt tot meer inactiviteit (He, Harris, Piche, & Beynon, 2009; Patriarca, Di Giuseppe, Albano, Marinelli, & Angelillo, 2009). Tevens kunnen kinderen bij veel sportverenigingen pas terecht vanaf 6 jaar.
Ook kan de manier waarop ouders hun kinderen opvoeden en de voorbeeldrol die ze hebben invloed uitoefenen op de voeding en het beweeggedrag van kinderen (Darling & Steinberg, 1993).

Onder jonge kinderen komen mede hierdoor verschillende soorten problemen voor op het gebied van overgewicht, motorische achterstanden en bewegingsangst.

Overgewicht en ernstig overgewicht (obesitas) ontstaan wanneer de energie-inname hoger is dan het energiegebruik (Hill & Melanson, 1999). 

Tussen 1980 en 2010 is zowel het percentage kinderen met overgewicht als het percentage kinderen met obesitas gestegen (TNO, 2010). In 2012 had 12,4% van de 4 tot 12 jarigen overgewicht. Obesitas kwam in 2012 voor bij 2,6% van de meisjes (4-12 jaar) en 3,3% van de jongens (CBS, 2013). Bij de jongste kinderen (2-4 jaar) had in 2008 15% overgewicht, waarvan 3,7% obesitas (Boere-Boonenkamp, et al., 2008). Overgewicht en obesitas komen vaker voor bij kinderen uit een gezin met een lage sociaal economische status, bij allochtone kinderen en bij kinderen van wie minimaal één van de ouders zelf overgewicht heeft (TNO, 2010; CBS, 2012; Agras et al., 2004).

Ook de verminderde motoriek van kinderen is een probleem. Uit onderzoek van Collard (2010) blijkt dat kinderen nu slechter scoren bij de motorische hoofdvaardigheden dan kinderen in 1980. Dit kan weer resulteren in minder bewegen en vervolgens een grotere kans op overgewicht.

Veel voorkomende angsten bij kinderen zoals waargenomen door Motorisch Remedial Teachers en vakleerkrachten gym zijn angst om over de kop te gaan, angst voor hoogte, angst voor de bal en angst voor andere kinderen. Exacte cijfers zijn echter niet bekend. 

Bewegingsangst en verminderde motoriek staan vaak in relatie tot elkaar.

Doelgroepen

Het programma KidsXtra is bedoeld voor kinderen die bij aanvang behoren tot de leeftijdscategorie 2 tot 7 jaar. Daarnaast moeten ze voldoen aan minimaal één van de volgende kenmerken:

  • Er is sprake van een te snelle gewichtstoename, dan wel een te hoog gewicht naar leeftijd of een te hoge BMI van het kind. 
  • Er is sprake van een motorische achterstand in vergelijking met leeftijdsgenootjes.
  • Er is sprake van extreme bewegingsangst.

Intermediaire doelgroep

Intermediaire doelgroepen van de interventie zijn de professionals die de behandeling uitvoeren, namelijk:

  • Motorisch Remedial Teacher
  • Diëtist
  • Trainers van beweeg- of sportverenigingen

Naast de kinderen zijn ook hun ouders/verzorgers een doelgroep van de interventie.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Het hoofddoel van de interventie is het terugdringen van motorische achterstanden, bewegingsangst en overgewicht en het vergroten van de sociaal-emotionele ontwikkeling bij kinderen van 2 tot 7 jaar.

Subdoel

Subdoelen kinderen:

  • Kinderen die bij aanvang van het programma overgewicht hebben nemen tot het einde van het programma niet verder toe in gewicht.
  • Op de lange termijn behouden kinderen een gezond gewicht door structureel te bewegen en zich zo veel mogelijk te houden aan de SO, die BBOFTT* gedragingen.
  • Kinderen die bij aanvang van het programma motorische achterstand hebben scoren aan het einde van KidsXtra beter op de motorische tests.
  • Kinderen die bij aanvang van het programma bewegingsangst hebben, hebben na afloop van KidsXtra minder angst om te bewegen, volgens de vier angsten observatie.
  • Kinderen hebben na afloop van KidsXtra meer plezier in bewegen.
  • Kinderen hebben na afloop van KidsXtra een betere sociaal-emotionele ontwikkeling, gekenmerkt door onder andere meer zelfvertrouwen, kunnen samenwerken en kunnen deelnemen binnen een spel met bijbehorende regels.
  • Kinderen maken kennis met verschillende (lokale) sporten en sport- en beweegaanbieders
  • Kinderen gaan na afloop van KidsXtra structureel sporten

Subdoelen ouders:

  • Ouders stimuleren na de interventie bij hun kinderen de SO, die BBOFTT* gedragingen

*Voor een uitwerking van wat SO, die BBOFTT inhoudt, zie uitleg onder inhoud interventie.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

De lessen vinden plaats op de gymlocatie van een school en worden bij voorkeur gegeven door een gekwalificeerde motorisch remedial teacher. Bij de gymlocatie moet spelmateriaal aanwezig zijn. Indien dit niet het geval is kunnen materialen worden aangeschaft door de aanvrager. Er is geen standaardpakket beschikbaar, omdat de keuze voor bepaalde materialen afhankelijk is van de inventaris en de gekozen oefeningen.

De voorlichtingsbijeenkomsten voor de ouders worden gegeven door een diëtist in een theorielokaal dat gelegen is bij de gymlocatie (bijvoorbeeld een klaslokaal, of vergaderruimte).

De sportinstuiven worden gegeven ofwel bij de vereniging zelf, ofwel op de gymlocatie waar alle beweeglessen plaatsvinden. Ze worden altijd gegeven door trainers van de betreffende vereniging, die een verplichte training gevolgd hebben bij RiskCare.

Locaties en Uitvoering

Mogelijke aanvragers zijn gemotiveerde sport- of beweegaanbieders die graag hun beweegaanbod willen uitbreiden naar de jonge doelgroep. Andere mogelijkheid is dat een (kinder)fysiotherapeut fungeert als aanvrager. De coördinatie van het project wordt bij voorkeur gedaan door een combinatiefunctionaris, omdat hier vaak al veel contacten liggen met lokale sport- en beweegaanbieders.

Ondersteuning

Voor de uitvoerder van de beweeglessen en de trainers van lokale sport- en beweegaanbieders maken de bovengenoemde verplichte trainingen deel uit van het systeem voor overdraagbaarheid.
Daarnaast staan in het handboek handleidingen voor de coördinatie van het programma (waar moet aan gedacht worden bij het selecteren van uitvoerders en locatie, wanneer moeten ouders welke informatie ontvangen enz.) en een protocol voor het op maat maken van lessen.
Voor lokale aanvragers heeft RiskCare een helpdesk, waarbij ze vragen kunnen stellen over (het implementeren van) de interventie.

Materialen

Materialen beschikbaar voor de uitvoering zijn:

  • Protocol voor het afnemen van de motorische tests
  • Materialen nodig voor het afnemen van de motorische tests
  • Protocollen voor de beweeglessen
  • Lesbeschrijvingen en drukwerk met informatie SO, die BBOFTT

Materialen beschikbaar voor de werving zijn:

  • Folders voor de ouders van kinderen

Materialen beschikbaar voor de evaluatie zijn:

  • Evaluatieformulier voor de ouders
  • Evaluatieformulier voor de MRT’er

Belangrijke documenten

Printen Uitgebreide beschrijving (pdf)