Terug naar overzicht

Ouderenzorg in Beweging

Ouderenzorg in Beweging is een concept om ouderen in verzorgings- of verpleegtehuizen (weer) in beweging te krijgen en te houden. Door het laagdrempelige karakter en het aanbod op maat is deze interventie goed te gebruiken door verzorgings- of verpleegtehuizen in het hele land.

IGZ ontwikkelde met het werkveld en op basis van literatuuronderzoek in 2012 zeven bouwstenen voor bewegen als onderdeel in verantwoorde ouderenzorg.. Deze interventie biedt een oplossing van de implementatie en borging van deze bouwstenen.

Het hoofddoel van de interventie is het structureel in beweging krijgen en houden van de doelgroep. Daarnaast is het voor een verzorgings- of verpleegtehuis noodzakelijk het beleid van de organisatie te laten aansluiten op de IGZ bouwstenen.

Het is van belang om:

  • Beleid aan te passen
  • Cultuur aan te passen
  • Activiteiten te organiseren
  • Bewegen structureel te borgen

Probleembeschrijving

Nederland telt begin 2017 3,1 miljoen 65-plussers, waarvan 0,7 miljoen 80-plussers. Dit aantal zal de komende jaren snel stijgen. In 2040 leven er 4.7 miljoen 65-plussers in Nederland (26% van de totale bevolking), waaronder 2 miljoen 80-plussers (Nationaal Ouderen Fonds, 2017). In 2014 woonden 138.526 van de 65-plussers in een institutioneel huishouden, zoals een verzorgingshuis, verpleeghuis of revalidatiecentrum (Nationaal Ouderen Fonds, 2017)

Volgens de nieuwe beweegrichtlijnen zouden volwassenen wekelijks ten minste twee en een half uur matig intensief moeten bewegen. Ook worden spier- en botversterkende activiteiten aanbevolen. Dit alles verlaagt het risico op chronische ziekten als diabetes en, hart- en vaatziekten, en depressieve symptomen en botbreuken (Gezondheidsraad, 2017).

In de praktijk blijkt dat helaas veel ouderen niet voldoen aan deze beweegrichtlijnen. Uit onderzoek is gebleken dat bewegingsarmoede in zorginstellingen veelal aanwezig is. Van alle 75-plussers beweegt meer dan de helft (54 procent) onvoldoende. Als ouderen niet meer zelfstandig kunnen wonen omdat ze meer zorg nodig hebben, stijgt dit percentage naar 86 procent. Ook de inactiviteit van de bewoners van zorginstellingen is hoog. Dat betekent dat ze op geen enkele dag in het jaar dertig minuten matig intensief bewegen, terwijl bewegen juist goed is voor de gezondheid van ouderen en zelfs de meeste gezondheidswinst oplevert voor inactieve ouderen (De Zeeuw, 2017).

Verder blijkt uit onderzoek dat in 2015 51% van de verpleegkundigen en verzorgenden vindt dat er te weinig tijd is om tehuisbewoners de zorg te bieden die ze nodig hebben. 61% vindt dat er geen tijd is voor persoonlijke aandacht. Het gevolg van te weinig persoonlijke aandacht kan zich uiten in eenzaamheid. Van de ruim 2,9 miljoen 65-plussers voelen bijna 900.000 mensen zich eenzaam (Nationaal Ouderen Fonds, 2017).

Om ervoor te zorgen dat de fysieke en mentale gezondheid van de 65-plussers in goede conditie blijft of wordt, is het van belang dat zij structureel gaan bewegen. Regelmatig bewegen draagt onder andere bij aan een groter uithoudingsvermogen, betere coördinatie en meer spierkracht, beter en langer slapen, het verhogen van de zelfredzaamheid, het fit houden van de hersenen en het zelfstandig uitvoeren van dagelijkse levensverrichtingen (De Zeeuw, 2017).

Daarnaast vertraagt regelmatig bewegen het verouderingsproces en kan het ook bijdragen aan een minder grote zorgvraag en lagere zorgkosten (De Zeeuw, 2017).

Het aantal huishoudens groeit volgens de meest recente huishoudensprognose van 7,7 miljoen in 2015 naar 8 miljoen in 2020. Vooral het aantal alleenwonende 65-plussers stijgt in de toekomst sterk. Dat is een gevolg van de vergrijzing (CBS, 2016). Het is dus van groot belang om voor deze doelgroep preventief een manier te vinden om hen actief te houden. Doen we dit niet, dan neemt de kans op lichamelijke beperkingen, ziektes en de noodzaak om gebruik te maken van zorg exponentieel toe.

Ouderenzorg in Beweging kan helpen bij het doorbreken van inactief gedrag door de doelgroep structureel een laagdrempelig en afwisselend sport- en beweegaanbod aan te bieden en te stimuleren en begeleiden bij een zinvolle/sportieve vrijetijdsbesteding.

Doelgroepen

De doelgroep van de interventie zijn ouderen van 65 jaar en ouder die wonen in een verzorgings- of verpleegtehuis, die niet (meer) actief bewegen en hierbij begeleiding nodig hebben.

Intermediaire doelgroep

De intermediaire doelgroepen zijn:

  • Bewegingsagoog: Deze persoon is verantwoordelijk voor het organiseren en uitvoeren van de beweegactiviteiten voor de doelgroep.
  • Zorgmedewerkers: De zorgmedewerkers binnen de verzorgings- en verpleegtehuizen staan dichtbij de bewoners en in direct contact met hun familieleden.
  • Activiteitenbegeleiders: De activiteitenbegeleiders zijn verantwoordelijk voor het reguliere activiteitenaanbod binnen een verzorgings- of verpleegtehuis.
  • Fysiotherapeuten, psychomotorisch therapeuten, huisartsen, diëtisten. Dit team is voor het specialistische deel verantwoordelijk voor de gezondheid van de doelgroep en staat op dit vlak in direct contact met hen.
  • Vrijwilligers
  • Familieleden:

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Ouderen van 65 jaar en ouder die wonen in een verzorgings- of verpleegtehuis in Nederland, die niet (meer) actief bewegen, komen structureel in beweging.

Subdoel

Doelgroep

  • De doelgroep en omgeving zijn bewust van het belang van een gezonde en actieve leefstijl.
  • De doelgroep neemt wekelijks structureel deel aan een laagdrempelig beweegaanbod op maat waarvan zij na enkele gratis proeflessen lid worden en periodiek voor betalen.
  • De doelgroep wordt betrokken bij het ontwikkelen en uitvoeren van het beweegaanbod, door vraag gericht les te geven, waardoor de participatie wordt bevorderd.

Organisatie

  • Het management, de Beweegbeleid-adviseur, de Bewegingsagoog realiseren gezamenlijk beweegbeleid, beweegcultuur en beweegactiviteiten.
  • (Beleid)

Beweegstimulering wordt een vast onderdeel van het individueel zorgplan van de deelnemer uit het verzorgings- of verpleegtehuis. Dit wordt met de doelgroep (of familielid) besproken en opgenomen in het zorgleef-plan van de deelnemer.

  • (Cultuur)

Medewerkers en vrijwilligers uit het verzorgings- of verpleegtehuis krijgen deskundigheidsbevordering (training, meekijk dag en informatiebijeenkomst) en dragen de beweegcultuur uit naar de doelgroep. Hun betrokkenheid is essentieel in het slagen van de interventie.

  • (Activiteiten)

Een vaste Bewegingsagoog wordt op de activiteiten ingezet zodat een sterkere sociale binding met de doelgroep en een grotere sociale controle ontstaat.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

voorbereiding (1-3 maanden)

Management

  • Aannemen Beweegbeleid-adviseur*/Bewegingsagoog*
  • Deskundigheidsbevordering door de interventie-eigenaar Sportief Plus.
  • Informatieverstrekking en kennisdeling over beweegstimulering aan medewerkers via een informatiebijeenkomst

Beweegbeleid-adviseur

  • In kaart brengen van huidige beweegaanbod.
  • Plan van aanpak met de Bewegingsagoog en management van de locatie
  • Beleid dat aansluit op de IZG Bouwstenen in samenwerking met management van de locatie.

Bewegingsagoog

  • De uitvoering van de activiteiten, werving, administratie lidmaatschappen

uitvoering (een jaar)

Management

  • Eigen maken van IGZ Bouwstenen door de Beweegbeleid-adviseur zodat na de opstartperiode zij zelf de acties en het beleid kunnen voortzetten.

De Beweegbeleid-adviseur

  • Uitvoering van een plan van aanpak
  • Opleiden van het management in de IGZ Bouwstenen en uitvoering plan van aanpak en beleid, zodat na de opstartperiode het management zelf kan overnemen.

Bewegingsagoog

  • Werving en aanmelding
  • Uitvoering beweegactiviteiten
  • Borging activiteiten

nazorg (3-4 weken)

Bewegingsagoog

  • Evaluatie met de doelgroep en zorgmedewerkers

De Beweegbeleid-adviseur

  • Het afronden van de werkzaamheden en het overdragen aan het management

Management

  • Evaluatie van de samenwerking en behaalde resultaten tussen de Bewegingsagoog, de Beweegbeleid-adviseur en het management.

Locaties en Uitvoering

Locatie
Verzorgings- of verpleegtehuizen hebben de ruimte en faciliteiten om het beweegaanbod uit te kunnen voeren. Op de locatie waar de beweegactiviteit plaatsvindt is het van belang dat deze voor de doelgroep toegankelijk is (denk aan rolstoelen) en dat voldoende ruimte is voor de doelgroep om te zitten (ongeveer 15 m²).

De interventie kan worden uitgevoerd door verzorgings- of verpleegtehuizen die:

  • Het belang inzien van het structureel in beweging krijgen en houden van de doelgroep door middel van beweegactiviteiten.
  • Het beleid van de organisatie nog moeten laten aansluiten op de IGZ bouwstenen.
  • Een cultuuromslag willen maken binnen alle lagen van de organisatie, om bewegen onderdeel van het dagelijkse leven van de bewoners te laten zijn buiten de geplande beweegactiviteiten waaraan wordt deelgenomen.

Rollen uitvoerders:

Voor de uitvoering van de interventie Ouderenzorg in Beweging zijn 3 rollen belangrijk:

  1. Management van het verzorgings- of verpleegtehuis
  2. Beweegbeleid-adviseur
  3. Bewegingsagoog

Zie onder aanpak de verantwoordelijkheden die zij elk hebben.

Daarnaast zijn rollen bepaald voor:

  • Vrijwilligers (ondersteuning).
  • Zorgmedewerkers (signalering/uitvoering beweegcultuur)
  • Huisartsen, fysiotherapeuten, etc. (signalering/doorverwijzing). Werken voor het verzorgings- of verpleegtehuis en zijn op de hoogte van het beweegaanbod om bewoners hier naar door te kunnen verwijzen wanneer zij dit vanuit hun specialisme nodig achten.
  • Activiteitenbegeleiders van activiteiten op de afdelingen in het verzorging- of verpleegtehuis (promotie/werving).

Rol interventie-eigenaar:

Sportief Plus kan als werkgever van diverse Bewegingsagogen en Beweegbeleid-adviseurs zorgdragen voor geschikte uitvoerders. Mochten er geschikte Bewegingsagogen en Beweegbeleid-adviseurs intern bij het verzorgings- of verpleegtehuis aanwezig zijn dan kunnen ook zij deze rol vervullen. Dit in onderling overleg met de lokale partijen en de interventie-eigenaar.

Ondersteuning

Om als verzorgings- of verpleegtehuis te voldoen aan de IGZ bouwstenen is binnen het kader van beweegstimulering een verandering in beweegcultuur, een aanpassing van beweegbeleid en een aanbod van beweegactiviteiten noodzakelijk. Bewegen zal niet alleen bij het management maar ook bij alle uitvoerende medewerkers centraal moeten staan. Om dit te bereiken is het van belang om door alle lagen van de organisatie heen:

  • Het beweegbeleid en de beweegcultuur aan te passen zodat dit voldoet aan de bouwstenen.
  • Bewegen onderdeel maken van zorgleef-plan van de bewoners van een verzorgings- of verpleegtehuis.
  • Deskundigheidsbevordering van de medewerkers (training, meekijk-dag en jaarlijkse informatiebijeenkomst)
  • Het handboek en het contact met de interventie-eigenaar de leidraad laten zijn van de uitvoerende werkzaamheden.

Materialen

Voor de uitvoering, werving en evaluatie van interventie is een handboek beschikbaar inclusief een evaluatieformulier. In het startpakket zitten daarnaast posters en flyers die gebruikt kunnen worden als PR materiaal.

Daarnaast moeten verschillende materialen aanwezig zijn (een eenmalige investering aangezien de materialen jaren lang meekunnen):

  • Voldoende stoelen
  • Muziekinstallatie
  • Beweegdoos (optioneel verkrijgbaar via de interventie-eigenaar) met onder andere verschillende ballen, kegels, ringen, pittenzakjes, lange stokken, ballonnen en een groot doek met vakken.

Belangrijke documenten

Printen