Terug naar overzicht

Revalidatie Sport en Bewegen

Revalidatie, Sport en Bewegen (RSB) is een interventie die inzet op sport- en beweegstimulering in revalidatie-instellingen zowel tijdens de revalidatiebehandeling als gedurende de eerste 3 maanden in de thuissituatie. Een speciaal hiervoor aangestelde sport- en beweegconsulent organiseert beweeggroepen en kennismakingslessen binnen de revalidatie-instelling en onderhoudt een netwerk met gemeenten en lokale sport- en beweegaanbieders. Sport en bewegen wordt integraal onderdeel van de revalidatiebehandeling, onder andere door het opnemen van individuele sport- en beweegdoelen in het behandelplan en het inrichten van een interne doorverwijsstructuur. De sport- en beweegconsulent geeft revalidanten persoonlijk advies op maat ten aanzien van bewegen en verzorgt een warme overdacht naar lokaal sport- en beweegaanbod. Na ontslag ontvangt de (ex)revalidant 2-4 (telefonische) counseling gesprekken met de sport- en beweegconsulent gericht op het duurzaam en zelfstandig volhouden van het sport- en beweeggedrag in de thuissituatie. Managers van revalidatie-instellingen zijn betrokken als projectleider. Zij faciliteren de implementatie van RSB en bewaken de voortgang en de resultaten door middel van een digitale registratietool.

Probleembeschrijving

In 2017 voldeden Nederlanders van 12 jaar en ouder met een lichamelijke beperking (motorisch, auditief, visueel) en/of een chronische aandoening minder vaak aan de Beweegrichtlijnen dan mensen zonder aandoening of beperking. Van de mensen met zowel een lichamelijke beperking als een chronische aandoening is het percentage het laagst, slechts 16% voldoet. Mensen met alleen een lichamelijke beperking voldoen iets vaker aan de Beweegrichtlijnen, namelijk 31%. Voor mensen met alleen een chronische aandoening bedraagt dit percentage 44%. Dit beeld komt overeen met cijfers uit 2014 en 2016 (CBS en RIVM, 2017).

Ter vergelijking: in 2017 voldeed 51% van de Nederlanders van 12 jaar en ouder zonder chronische aandoening of lichamelijke beperking aan de Beweegrichtlijnen (CBS en RIVM, 2017). 

Ook de wekelijkse sportdeelname van mensen met een lichamelijke beperking en chronische aandoening blijft sterk achter bij die van mensen zonder lichamelijke beperking en/of chronische aandoening (29% versus 63%) (CBS en RIVM, 2017).

Uit onderzoek blijkt ook dat mensen met een motorische beperking per dag aanzienlijk meer tijd zittend door brengen dan mensen zonder beperking (Manns et al., 2012; Rosenberg et al., 2011).

Van de bevolking ouder dan 12 jaar ervaart 13% één of meer lichamelijke beperkingen (motorisch, auditief, visueel): 9% van de mannen en 16% van de vrouwen. In 2016 hadden 5,1 miljoen mensen minimaal eenmaal contact met de huisartsenpraktijk voor een chronische ziekte. Dit komt overeen met 30% van de Nederlandse bevolking. Zowel lichamelijke beperkingen als chronische aandoeningen nemen toe met het ouder worden. (CBS en RIVM, 2017) 

Per jaar volgen ruim 55.000 personen met een lichamelijke beperking en/of chronische aandoening een revalidatietraject. De volgende tabel geeft het aantal revalidanten dat gebruik maakte van de verschillende behandelvormen in 2017 weer (Revalidatie Nederland, 2018).

Behandelvorm Klinisch Poliklinisch

Kinderen (< 18 jaar) 323 13.426

Volwassenen 6.254 42.253

Totaal 6.577 55.679

Na beëindiging van het revalidatietraject keert de revalidant weer terug in de thuissituatie. Echter vaak is hierbij sprake van terugval in het fysieke activiteitenpatroon van de (ex-)revalidant (van der Ploeg et al, 2006). De regelmatige/dagelijkse therapieën met fysieke belasting, die binnen de revalidatie-instelling vanzelfsprekend onderdeel vormden van de weekindeling, zijn namelijk gestopt. Revalidatie-instellingen bieden geen standaard ondersteuning aan de (ex-) revalidant om in de thuissituatie door te gaan met sporten en bewegen, en zo een terugval tegen te gaan. Met name bij mensen met een lichamelijke beperking die te kampen hebben met mobiliteitsproblemen, is sprake van een verhoogd risico op het ontwikkelen van een inactieve leefstijl (Galea, 2012; Rosenberg et al., 2011).

Lichamelijke inactiviteit is een risicofactor voor het ontwikkelen van onder meer obesitas, diabetes en hart- en vaatziekten (Rimmer et al., 2012; Wijndaele et al., 2011; Dustan et al, 2010; Owen et al., 2010).

Doelgroepen

De doelgroep van het programma Revalidatie, Sport en Bewegen (RSB) zijn mensen met een lichamelijke beperking en/of chronische aandoening die klinisch danwel poliklinisch revalideren. Het programma is geschikt voor zowel volwassenen als kinderen, maar aangezien het totaal aantal revalidanten voor ongeveer 80% uit volwassenen bestaat, zijn kinderen in de minderheid.

Intermediaire doelgroep

De intermediaire doelgroepen voor RSB zijn:

  • Sport- en beweegconsulenten die het programma uitvoeren.
  • Revalidatie artsen die een interne doorverwijsstructuur inrichten, zodat revalidanten worden verwezen naar de sport- en beweegconsulent en behandelteams meewerken aan de uitvoering van onderdelen van het programma.
  • Projectleiders/managers van revalidatie-instellingen die RSB ondersteunen en kernelementen van het programma monitoren.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Deelnemers ontwikkelen tijdens revalidatie een actieve leefstijl (i.e. deelnemers voldoen aan de Beweegrichtlijnen en/of sporten wekelijks) en behouden deze tot 1 jaar na revalidatie.

Subdoel

Subdoelen einddoelgroep

Direct na afloop van de interventie:

  1. Hebben deelnemers kennis gemaakt met verschillende beweeg- en sportactiviteiten
  2. Hebben deelnemers positieve ervaringen opgedaan met bewegen en sporten
  3. Hebben deelnemers een positieve attitude t.a.v. bewegen en sporten
  4. Is bij deelnemers vertrouwen ontstaan dat er voor hen een passende beweeg- en/of sportactiviteit is
  5. Ervaren deelnemers sociale steun ten aanzien van bewegen en sporten door mede-revalidanten
  6. Zijn deelnemers tevreden met de ontvangen begeleiding vanuit de sport- en beweegconsulent
  7. Zijn deelnemers gemotiveerd om te blijven bewegen en/of sporten

Eén jaar na het afronden van de interventie:

  1. Voldoen deelnemers aan de Beweegrichtlijnen en/of sporten zij wekelijks georganiseerd of ongeorganiseerd

Subdoelen intermediaire doelgroep

  1. Sport- en beweegconsulenten maken gebruik van motiverende gespreksvoering bij het begeleiden van revalidanten naar een actievere leefstijl.
  2. Sport- en beweegconsulenten verwijzen deelnemers door naar een passende beweeg- en/of sportactiviteiten.
  3. Revalidatie artsen/ medisch specialisten (hoofdbehandelaar) richt in samenwerking met andere professionals een interne doorverwijsstructuur in.
  4. Projectleiders/ managers van revalidatie-instellingen monitoren in samenwerking met andere professionals de kernelementen uit het programma.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

Het programma Revalidatie, Sport en Bewegen sluit aan op de verschillende fasen van de revalidatie behandeling (zie Figuur 1). Hierdoor is het programma verweven in de gehele revalidatiebehandeling. De duur van de revalidatiebehandeling, en daarmee van RSB, verschilt per aandoening en per persoon, van enkele weken tot meerdere maanden (Revalidatie Nederland 2016).

Het programma RSB kent de volgende stappen:

  • Voorbereiding

De landelijke programmacoördinator van RSB voert gesprekken met (medisch) management van revalidatie-instellingen. Wanneer een instelling RSB wil gaan uitvoeren wordt een samenwerkingsovereenkomst getekend met de interventie eigenaar. Deze overeenkomst wordt aangegaan voor een periode van maximaal 3 jaar. Binnen de organisatie wordt een projectleider benoemd en in samenwerking een projectplan opgesteld. De landelijke programmacoördinator begeleidt dit vaak intensieve, voorbereidingstraject. Draagvlak bij management en revalidatieartsen is van belang.

  • Implementatie

De revalidatie-instelling stelt een sport- en beweegconsulent aan. Deze is wekelijks een aantal uur aanwezig in het Beweeg- en sportloket, een fysieke plek in de revalidatie-instelling. Hierdoor is hij/zij goed bereikbaar en zichtbaar. De revalidatiearts/medisch specialist richt een doorverwijsstructuur in. De volgende kernonderdelen van RSB worden uitgevoerd:

  • Intakegesprek sport en bewegen
  • Sport en bewegen tijdens de behandeling
  • Persoonlijk adviesgesprek aan het einde van de behandeling
  • (Telefonische) counseling tot 3 maanden na ontslag
  • Monitoring en evaluatie

De projectleider/ manager van de revalidatie-instelling monitort de voortgang en resultaten van RSB. Hiervoor is een digitale registratietool ontwikkeld. De revalidatie-instelling kan er ook voor kiezen om deze registratietool in te bouwen in het eigen Elektronisch Patiënten Dossier. Indien nodig worden op basis van de monitoring en evaluatie aanpassingen gedaan tijdens de implementatie.

De tweede stap (implementatie) is weergegeven in Figuur 1 en verder beschreven bij de inhoud.

Figuur 1. Schematische weergave van het programma Revalidatie, Sport en Bewegen tijdens een (poli)klinische revalidatiebehandeling.

Locaties en Uitvoering

RSB kan worden uitgevoerd door revalidatie instellingen. Hieronder worden zowel revalidatiecentra verstaan als ziekenhuizen met een revalidatie afdeling (tweede en derdelijns gezondheidszorg). Vanuit de revalidatie wordt de verbinding gelegd naar het lokale sport- en beweegaanbod. Samenwerking vindt plaats met sport- en beweegaanbieders en gemeenten.

Ondersteuning

Om revalidatie-instellingen bekend te maken met RSB zijn een promotiefilmpje, factsheet en boek met praktijkvoorbeelden ontwikkeld. Deze worden verspreid via voor de doelgroep bekende kanalen zoals Revalidatie Nederland.

Een revalidatie-instelling die interesse heeft in RSB kan terecht bij de landelijke programmacoördinator RSB. Deze voert oriënterende gesprekken met de revalidatie-instelling. Wanneer er voldoende draagvlak is, wordt een samenwerkingsovereenkomst ondertekend die wordt aangegaan tussen de revalidatie-instelling en de interventie eigenaar. Hierna wordt samengewerkt aan de totstandkoming van een projectplan. Na formalisering van de samenwerking investeert de programmacoördinator RSB in bezoeken en contact om draagvlak te behouden en de implementatie verder te begeleiden. Indien wenselijk sluit de programmacoördinator aan bij gesprekken die de sport- en beweegconsulent voert om de brug met regionale/lokale sport- en beweegaanbod te slaan.

Om de landelijke implementatie van RSB te bevorderen wordt op diverse fronten actie ondernomen. Zo wordt gewerkt aan de structurele financiële inbedding van RSB binnen revalidatie-instellingen. De VWS-directies curatieve zorg, langdurige zorg en zorgverzekeringen zijn betrokken geweest bij een interne adviescommissie voor RSB om input te leveren voor de financiële borging. Het streven is om de kosten van de sport- en beweegconsulent onderdeel te laten worden van geïndiceerde zorg, door deze op te nemen onder de module “inactieve leefstijl” in de nieuwe Modulestructuur in de Revalidatiezorg (ingangsdatum nieuwe financieringsstructuur naar verwachting 01/01/2020). Op dit moment loopt een meerjarenpilot rondom de nieuwe Modulestructuur.

Ook zijn in samenwerking met de werkgroep Bewegen en Sport van de Nederlandse Vereniging voor Revalidatieartsen (WVBS) prestatie-indicatoren ontwikkeld. Revalidatie-instellingen kunnen de door het werkveld goedgekeurde set van prestatie-indicatoren implementeren. Hierdoor ontstaat binnen de revalidatiegeneeskunde draagvlak voor de wijze waarop sport en bewegen deel uitmaken van de revalidatiebehandeling en de periode erna.

Voor de duurzame verankering van de interventie sluit de instelling desgewenst na de afgesproken periode in de samenwerkingsovereenkomst een licentie overeenkomst af met de interventie eigenaar.

Materialen

Voor management en projectleider:

  • Format Samenwerkingsovereenkomst

Deze samenwerkingsovereenkomst wordt afgesloten tussen de instelling en de interventie eigenaar voor maximaal 3 jaar. Partijen leggen bepalingen vast om samen te werken aan de opbouw en implementatie van de interventie binnen de betreffende instelling.

  • Format Licentie overeenkomst

Wanneer de instelling na de periode van maximaal 3 jaar door wil gaan met de interventie en verdere ondersteuning wil van de interventie eigenaar, wordt een licentieovereenkomst afgesloten. De licentie is een voortzetting van de samenwerking en richt zich op de duurzame verankering van de interventie binnen de instelling in de vorm van advies, kennisdeling, belangenbehartiging en materialen door de interventie eigenaar.

  • Format voor het opstellen van een projectplan

Voor sport- en beweegconsulenten:

  • Handboek Revalidatie, Sport en Bewegen met daarin informatie over de uitvoering van het

Programma.

  • Handleiding bij het boekje ‘Mijn Beweegredenen’

Voor revalidanten

  • Folder Beweeg- & Sportloket met daarin informatie voor de revalidant, ter voorbereiding op het

adviesgesprek

  • Boekje ‘Mijn Beweegredenen’

In dit boekje worden de ?6 fases van gedragsverandering beschreven om ?te komen tot ?meer bewegen. Ook wordt met rolmodellen gewerkt en worden vragen gesteld aan de revalidant die passend zijn bij de verschillende fases. Het boekje is een aanvulling op de contacten met de sport- en beweegconsulent.

Algemeen

  • Promotiefilmpje
  • Bord Beweeg- & Sportloket: om het loket goed zichtbaar te maken binnen de instelling
  • Factsheet Revalidatie, sport en bewegen, uitgave van Revalidatie Nederland (op te vragen via Revalidatie Nederland)
  • Prestatie indicatoren revalidatie, bewegen en sport (Nederlandse Vereniging van Revalidatieartsen werkgroep Bewegen en Sport (WVBS))
  • Boek met praktijkvoorbeelden: ‘Het Sportloket brengt mensen in beweging’ (2016).

Monitoring en evaluatie

  • Digitale registratietool, waarin advies- en counselinggesprekken geregistreerd kunnen worden.

Alle bovenstaande materialen zijn te vinden dan wel op te vragen via de website: www.shnederland.nl

Oordeel commissie

In zijn algemeenheid is de interventie zeer goed beschreven. De uitgebreide onderbouwing van Revalidatie, Sport en Bewegen is vooral sterk in de consequente uitwerking op twee niveaus: de einddoelgroep en de uitvoerende organisatie. De opgenomen casussen zijn zeer verhelderend.

Uitvoerbaarheid

Aan alle uitvoeringsvoorwaarden wordt voldaan. Er zijn uitgebreide materialen voor de uitvoering beschikbaar, waarbij e.e.a. is aangepast naar aanleiding van procesevaluatie.  De complexiteit van het programma maakt wel dat er een zeker afbreukrisico in de uitvoerbaarheid zit.

Belangrijke documenten

Printen