Terug naar overzicht

Zo kan het ook!

Zo Kan Het Ook! is een interventie gericht op het vergroten van de structurele sport- en beweegdeelname van cliënten (mensen met een verstandelijk of meervoudige beperking) van zorginstellingen (wonen en/of dagbesteding). De interventie richt zich op zowel volwassenen als kinderen.
Het programma ondersteunt de zorginstelling bij het ontwikkelen, uitvoeren en borgen van een structureel beleid op het gebied van een actieve leefstijl, bewegen en sport (en een bijbehorend aanbod voor de cliënten..De sport- en beweegactiviteiten kunnen plaatsvinden binnen de instelling, maar ook in de omgeving van de zorginstelling (bij sport- en beweegaanbieders).
Het programma vraagt een bijdrage van verschillende niveaus binnen de zorginstelling (organisatie, uitvoerings- en cliëntniveau). Elke zorginstelling en haar omgeving is anders en vraagt om maatwerk binnen de fasen van: creëren draagvlak, ontwikkelen van visie/strategie/beleid/plan van aanpak, implementatie/borging, evaluatie/doorontwikkeling.

Probleembeschrijving

Recente cijfers geven aan dat in Nederland ongeveer 142.000 personen met een verstandelijke handicap wonen (Meijer, 2014). Een gedeelte van deze groep is woonachtig in een zorginstelling, namelijk 40.266 cliënten (VGN, 2013). Deze 137 instellingen zijn op hun beurt weer te onderscheiden in meerdere diverse (sub)locaties.

Op basis van signalen uit het werkveld (gehandicaptenzorg) signaleerde Stichting Special Heroes Nederland (destijds Onbeperkt Sportief en NebasNsg) dat de sport- en bewegingsparticipatie van mensen met een verstandelijke (en meervoudige) handicap in zorginstellingen achterblijft. Deze signalen worden bevestigd door onderzoek (Von Heijden et al., 2013). Uit ander onderzoek blijkt dat meer dan 80% van de mensen met een verstandelijke handicap inactief is (Van Wijck, 2009). Een groot gedeelte is sedentair (59.3%). De achterstand is nog groter bij mensen met een ernstig meervoudige beperking. Zij bewegen gemiddeld 26 minuten per dag, waarvan het merendeel (80%) ingezet wordt op verzorging en transfers. Met andere woorden: deze groep heeft gemiddeld 5 minuten bewegingsstimulering per dag (Vlaskamp & Van der Putten, 2010). Uit recent onderzoek onder ouderen met een verstandelijke handicap, blijkt dat mensen van 50 jaar en ouder weinig lichamelijk actief zijn (Evenhuis, 2014 (red)). De fitheid ligt voor 2/3 van de groep onder de norm om voor jezelf te kunnen zorgen. Ouderen met een verstandelijke handicap zijn op hun 50e net zo ‘fit’ als 70/80 jarigen uit de algemene bevolking.

Sport en bewegen is geen vanzelfsprekendheid voor mensen met een verstandelijke handicap. Bijna alle ondervraagde woonlocaties geven knelpunten aan bij het bewegen en sport. Vertegenwoordigers van mensen met een verstandelijke handicap aan dat de helft van hun naasten belemmeringen ervaart om te gaan sporten. Van degene die geen belemmeringen ervaren, ontvangt twee derde wel ondersteuning bij het sporten. (Von Heijden et al., 2013).

De groep mensen met een verstandelijke handicap in zorginstellingen is in vele opzichten vergelijkbaar met ouderen zonder handicap (Wanninge et al., 2011). Echter de personen met een verstandelijke handicap zijn veel kwetsbaarder, brozer en sneller oud (Evenhuis, 2011).

In de algemene bevolking zijn lichamelijke inactiviteit en sedentair gedrag, onafhankelijk van elkaar, risicofactoren voor het ontwikkelen van onder meer obesitas, diabetes en hart- en vaatziekten (Wijndaele et al., 2011; Dunstan et al, 2010; Owen et al., 2010). Dit lijkt niet anders bij mensen met een verstandelijke handicap. De populatie heeft gemiddeld een lage conditie, waardoor het bovenstaande mogelijk nog in sterkere mate geldt voor mensen met een verstandelijke handicap. Ook heeft een groot gedeelte van de mannen (43%, obesitas 18%) en vrouwen (87%, obesitas 46%) met een verstandelijke handicap overgewicht (Van Wijck, 2009).

Doelgroepen

De omschrijving ‘mensen met een verstandelijke handicap’ verwijst naar een groep mensen die onderling enorm van elkaar verschilt. Ondanks dat de mensen met een verstandelijke handicap verschillend zijn, is er toch een aantal gemeenschappelijke kenmerken waardoor wij over hen als groep kunnen spreken. Het gaat om mensen die vanwege een verstandelijke handicap altijd enige begeleiding nodig zullen hebben. De aard en de mate van begeleiding loopt uiteen, afhankelijk van ieders individuele mogelijkheden.

Internationaal zijn er de volgende criteria gesteld:

  • IQ < 70*.
  • Bijkomende tekorten of belemmeringen in het aanpassingsvermogen. De aanpassingsvaardigheden zijn onder te verdelen in drie hoofdgroepen: conceptuele vaardigheden (bv lezen, schrijven, taal, uitdrukkingsvaardigheid), sociale vaardigheden (bv. zelfvertrouwen, verantwoordelijkheid, zich houden aan regels) en praktische vaardigheden (activiteiten gerelateerd aan het dagelijks leven zoals aankleden, eten, mobiliteit).
  • De verstandelijke handicap komt voor het 18e levensjaar tot uiting.

Mensen die verblijven in een zorginstelling of hier hun dagbesteding ontvangen hebben over het algemeen een matige of ernstige verstandelijke handicap (IQ lager dan 50). Soms hebben mensen bijkomende lichamelijke handicaps. Deze groep wordt aangeduid als mensen met een meervoudige handicap.

In deze beschrijving gebruiken we regelmatig het woord cliënten als aanduiding voor mensen met een verstandelijke handicap die verblijven in een zorginstelling of hier hun dagbesteding ontvangen.

NB.

De aanpak van het programma Zo kan het ook! lijkt ook geschikt voor andere doelgroepen in de langdurige zorg. Denk hierbij aan Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH) en mensen met ernstige psychische aandoeningen. Ook orthopedagogische behandelcentra kunnen gebruik maken van de aanpak van Zo kan het ook!.

Intermediaire doelgroep

Het programma Zo kan het ook! wordt uitgevoerd bij zorginstellingen voor mensen met een verstandelijke handicap. De interventie beoogt een; verbinding te leggen tussen de zorgsector en de sport- en beweegsector. Beide sectoren kennen intermediaire doelgroepen zoals begeleiders, medewerkers, sportaanbieders etc.

Intermediaire doelgroepen binnen de zorginstelling

De zorginstelling is de spil in de aanpak van Zo kan het ook!. Binnen de zorginstelling zijn afhankelijk van de doelstelling in het projectplan van de zorginstelling diverse professionals betrokken. Onderstaande vakinhoudelijk opgeleide professionals staan in direct contact met de einddoelgroep:

  • Bewegingsagoog;
  • Begeleiders wonen en dagbesteding;
  • Multidisciplinair team: (bewegingsagogen,) fysiotherapeuten, psychomotorisch therapeuten, artsen, diëtisten.

Daarnaast zijn ook andere professionals betrokken bij het programma. In hun directe werkrelatie staan ze wat meer op afstand van de cliënten, maar hun werkzaamheden richten zich vanzelfsprekend wel op de cliënt:

  • Directie/management;
  • Medewerkers zoals: beleidsmedewerker, managers, communicatie, vrijetijdscoach, etc.

Binnen de instelling wordt een projectleider Zo kan het ook! benoemd. De projectleider heeft in de organisatie tevens een van bovenstaande functies.

Intermediaire doelgroepen buiten de zorginstelling

Indien mogelijk en afhankelijk van de doelstelling in het projectplan van de zorginstelling, kunnen ook intermediaire doelgroepen buiten de instelling betrokken zijn:

  • Begeleiders van lokale sport- en beweegaanbieders.
  • Medewerkers van ondersteuningsorganisaties, op het gebied van ondersteuning bij doorgeleiding naar de lokale sport- en beweegaanbieders. Zij hebben veelal inzicht in het bestaande sportaanbod, passend bij de wensen en mogelijkheden van de cliënt.
  • Docenten van 0nderwijsinstellingen op het gebied van sport- en bewegen en zorg.

Sportconsulenten, buurtsportcoaches.

Doel van het sport- en beweegaanbod

Hoofddoel

Het vergroten van de structurele sport- en beweegdeelname van cliënten (mensen met een verstandelijke (of meervoudige handicap) van zorginstellingen (wonen en/ of dagbesteding).

Subdoel

Op het niveau van de cliënt:

  • De cliënt realiseert een structurele gedragsverandering op het gebied van actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • De cliënt is bereikt met informatie over en meer bewust van het belang van actieve leefstijl;
  • Een actieve leefstijl, bewegen en sport maakt onderdeel uit van het individueel zorgplan van de cliënt en de cliënt bespreekt zijn/ haar wensen en mogelijkheden.

Op het niveau van de zorginstelling:

  • Structurele aandacht voor een actieve leefstijl, bewegen en sport is opgenomen in het organisatiebeleid;
  • Alle medewerkers van de organisatie zijn geïnformeerd en bewust van het belang van een actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Een voor de cliënten van de zorginstelling toegankelijk en structureel sport- en beweegaanbod (dit kan zowel binnen als buiten de instelling zijn).

Beide niveaus zijn niet los van elkaar te zien en versterken elkaar. In deze beschrijving wordt aan beide aspecten aandacht gegeven.

Aanpak (opzet interventie, locatie en uitvoerders)

Opzet van de interventie

Het programma Zo kan het ook! ondersteunt de zorginstellingen bij het ontwikkelen, uitvoeren en borgen van een structureel beleid op het gebied van een actieve leefstijl, bewegen en sport en een bijbehorend aanbod voor hun cliënten. De sport- en beweegactiviteiten kunnen plaatsvinden binnen de instelling, maar ook in de omgeving van de zorginstelling. In beide gevallen kan samengewerkt worden met sport- en beweegaanbieders.

Vanwege de eigenheid van elke zorginstelling en de lokale omgeving is een blauwdruk voor een plan van aanpak niet te geven. De specifieke aanpak per zorginstelling vraagt om maatwerk. Wel zijn de te nemen stappen ofwel het te doorlopen proces voor iedere zorginstelling gelijk.

De doorlooptijd van de interventie is variabel en afhankelijk van de gestelde doelen van de zorgorganisatie. Gemiddeld is dit twee tot drie jaar. De invulling van het plan van aanpak en de daarin opgenomen activiteiten bepaalt voor de zorgstelling de duur van de verschillende fases. Hierbij gaan de ontwikkeling van visie en strategie hand in hand met de implementatie en uitvoering. In onderstaande tabel zijn de stappen en een inschatting van de doorlooptijd per stap beschreven:

Tabel 1: Stappen en indicatie doorlooptijd programma Zo kan het ook!

Stappen

Doorlooptijd

  1. Creëren van draagvlak binnen alle niveaus van de organisatie

(bestuur/directie, management, uitvoering)

2-3 maanden

  1. Ontwikkelen visie, strategie, beleid op de volgende thema’s:
  2. het bevorderen van bewegen in de ADL situatie (Algemeen Dagelijks Leven);
  3. het uitvoeren van beweegprogramma’s binnen woongroepen en/of dagbesteding;
  4. het bevorderen van beweeg- en sportdeelname in de vrije tijd.

NB. Voor alle drie de thema’s geldt: eerst kennismaken, vervolgens verdiepen met als gewenst eindresultaat om dit structureel te blijven doen.

4-6 maanden

  1. Implementatie/uitvoering van het beleid/de activiteiten en borging

16-24 maanden

  1. Evaluatie en doorontwikkeling en hiermee voorbereiding op duurzame verankering

2-3 maanden

Schematisch ziet dit er als volgt uit:

Figuur 1: Schematische aanpak van het programma Zo kan het ook!

Bij de paragraaf ‘inhoud van de interventie’ wordt het schema verder uitgewerkt.

Door het volgen van de genoemde stappen ontstaat voor de zorginstelling inzicht in de eigen situatie. Hierdoor wordt duidelijk wat dit betekent voor het beleid en de hieruit voortvloeiende gewenste activiteiten. Gebaseerd op de bouwstenen voor verantwoorde zorg van de Inspectie van de Gezondheidszorg worden de stappen op verschillende niveaus in de zorginstelling uitgevoerd. Deze niveaus betreffen het organisatieniveau, uitvoerings- en cliëntniveau. Op al deze niveaus worden gekoppeld aan de beschreven stappen gedurende het gehele programma (een aantal) activiteiten uitgevoerd. Hieronder een korte beschrijving van de activiteiten voor de verschillende niveaus (los van de koppeling met de stappen):

Op organisatieniveau

  • Creëren van draagvlak op verschillende niveaus binnen de zorginstelling (bestuurlijk, management, multidisciplinair team, begeleiders);
  • Creëren van betrokkenheid van de medewerkers en communicatie;
  • Ontwikkelen visie en strategie gericht op een actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Het opstellen van beleid en heldere doelstellingen ten aanzien van een actieve leefstijl, bewegen en sport (planvorming);
  • Opstellen concreet plan van aanpak voor de uitvoering;
  • Het creëren van randvoorwaarden voor de uitvoering;
  • Het evalueren van beleid en de geformuleerde doelstellingen ten aanzien van een actieve leefstijl, bewegen en sport.

Op uitvoeringsniveau

  • Realiseren bewustwording bij medewerkers, ouders/verzorgers over het belang van een actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Rol bespreken van en met begeleiders ten aanzien van actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Rol bespreken van en met ouders/ verzorgers ten aanzien van actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Opbouwen en onderhouden netwerk, zowel binnen als buiten de sector zorg met partijen zoals sport- en beweegaanbieders, ondersteuningsorganisaties, onderwijsinstellingen en gemeenten;
  • Realiseren van sport- en beweegaanbod, uiteenlopend van sporten bij een vereniging in de buurt tot danslessen, sportdagen en meer bewegen in het dagelijks leven;
  • Onderzoek gericht op ‘effecten’ actieve leefstijl zoals bv. het doen van fittesten;
  • Kennisdeling, deskundigheidsbevordering en zichtbaar maken;
  • Werven van mensen (vrijwilligers, stagiaires) en middelen (financiën, materialen).

Op cliëntniveau

  • Realiseren bewustwording bij cliënten over het belang van een actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Inzicht verkrijgen in wensen en behoeften van cliënten ten aanzien van een actieve leefstijl, bewegen en sport;
  • Registratie van (in)actieve leefstijl als onderdeel van het individueel zorgplan;
  • Ondersteuning van/ stimuleren van actieve leefstijl als onderdeel van het individueel zorgplan

Locaties en Uitvoering

Locatie:

De interventie wordt uitgevoerd binnen zorginstellingen voor mensen met een verstandelijke (of meervoudige) handicap.

Uitvoerder:

Binnen de zorginstelling wordt een projectleider Zo kan het ook! benoemd. Deze fungeert als de spin in het web binnen de zorginstelling én is de verbindende schakel tussen de zorginstelling en de sport- en beweegsector. De projectleider zorgt voor de uitvoering van het programma en hanteert hiervoor een integrale aanpak. De projectleider bouwt en onderhoudt, in samenwerking met professionals zoals de vrijetijdscoach of bewegingsagoog het netwerk met de sport- en beweegaanbieders.

De betrokken interne en externe uitvoerders en hun rol is afhankelijk van de zorginstelling (locatie), de lokale omgeving de doelstelling en vormgeving van het project. Hieronder volgt een onderscheid tussen de intern en extern betrokken uitvoerders.

Overige betrokken uitvoerders (intern):

Bij de uitvoering werkt de projectleider intern met name samen met vakinhoudelijke professionals op het niveau van de cliënt:

  • Bewegingsagoog:

Deze is verantwoordelijk voor het uitvoeren van sport- en beweegactiviteiten binnen de instelling. Ook bekijkt de bewegingsagoog welke activiteiten door sportaanbieders kunnen worden ingevuld binnen en buiten de instelling en heeft een coachende rol richting begeleiders.

  • Begeleiders wonen en dagbesteding:

De begeleiders zijn verantwoordelijk voor de ondersteuning van de cliënt in het dagelijks leven. Een belangrijke rol voor de begeleider ligt op het vlak van het stimuleren en faciliteren van cliënten tot een meer actieve leefstijl. Dit kan uiteenlopen van het zelf laten halen van een kopje koffie, samen de post ophalen tot het stimuleren tot lidmaatschap van een sportvereniging.

  • Multidisciplinair team:

(Bewegingsagogen), fysiotherapeuten, psychomotorisch therapeuten, artsen, diëtisten. Het team is binnen de organisatie voor het specialistische deel verantwoordelijk voor de aandacht voor gezondheid van de cliënt. Vanuit verschillende invalshoeken wordt gekeken naar de individuele aanpak om een cliënt te stimuleren tot meer bewegen.

  • Overige medewerkers zoals:

Directie, beleidsmedewerker, managers, communicatie, vrijetijdscoach, etc. Deze medewerkers dragen vanuit hun eigen discipline bij aan het integraal inbedden van sport en beweegbeleid, qua draagvlak, implementatie en borging. Samenwerking met deze medewerkers is gericht op het creëren en behouden van betrokkenheid om zo een goede informatieoverdracht en aanpak voor de cliënt te realiseren.

Overige betrokken uitvoerders (extern):

Extern werkt de projectleider met name samen met de volgende organisaties:

  • Sport- en beweegaanbieders:

Zij voeren zowel binnen als buiten de zorginstelling sport- en beweegactiviteiten uit voor de cliënten.

  • Ondersteuningsorganisaties:

Zij kunnen een belangrijke rol spelen bij doorgeleiding naar de lokale sport- en beweegaanbieder. Dit zijn organisaties zoals lokale/ provinciale sportservicebureaus en MEE. Afhankelijk van het type ondersteuningsorganisatie, kan deze ook deskundigheidsbevordering verzorgen van sport- en beweegaanbieders.

  • Onderwijsinstellingen:

De koppeling onderwijs en werkveld kan op verschillende manieren worden vormgegeven. Studenten kunnen een impuls geven aan het ontwikkelen en uitvoeren van een beweeg- en sportaanbod en randvoorwaardelijke activiteiten zoals beleidsontwikkeling.

  • Gemeenten:

De praktijk leert dat gemeenten regelmatig betrokken zijn bij de opstart van het programma Zo kan het ook!. Het programma Zo kan het ook! kan een bijdrage leveren aan het realiseren van het gemeentelijk beleid op het gebied van sport, bewegen en gezondheid voor mensen met een verstandelijke handicap.

Ondersteuning

Naast de genoemde beschikbare materialen, kan Special Heroes Nederland de zorginstelling ondersteunen met een aantal activiteiten:

  • Advies
  • Ontmoeten
  • Digitaal platform
  • Monitoren

Advies

Advies richt zich met name op het ondersteunen en adviseren van de zorginstelling/sportaanbieders bij zowel de ontwikkeling als de implementatie van het project op het gebied van beleidsontwikkeling en structurele borging. De ontwikkeling en implementatie kan gericht zijn op verschillende facetten van de integrale aanpak. Hier een opsomming: visieontwikkeling, beleidsontwikkeling, beweegactiviteiten, inbedden in zorgplan, deskundigheidsbevordering, draagvlak en bewustzijn creëren, borging, netwerkontwikkeling, doorgeleiding naar lokaal sportaanbod, omgekeerde integratie, bewegen op de groep. Bij de start van het project wordt een tool ingezet om de stand van zaken in kaart te brengen, de QuickScan.

Ontmoeten

Door de organisatie van bijeenkomsten om kennis uit te wisselen (platform) ontstaat een netwerk zodat mensen elkaar makkelijker weten te vinden rond een gemeenschappelijk thema. Het doel van de bijeenkomsten is het informeren en/of het delen van kennis door middel van ontmoeten. De inhoud van de bijeenkomsten wordt afgestemd op de wensen en behoeften van de deelnemers. Naast kennisdelingsbijeenkomsten zijn er ook specifieke activiteiten gericht op deskundigheidsbevordering.

Digitaal platform

Het digitale platform faciliteert kennisdeling voor en door zorginstellingen om hen te informeren en inspireren waardoor uiteindelijk meer mensen gaan sporten. Op het digitale platform wordt kennis verzameld en ontsloten. Het digitale platform beoogt structurele uitwisseling tussen de betrokken partners, om expertise voor haar doelgroep te blijven ontwikkelen. Het platform kent al een uitgebreide content, ontwikkeld voor en met zorginstellingen.

Monitoren

Het verloop van de interventie wordt gevolgd door de processen en resultaten in kaart te brengen.

Materialen

Werving

  • Algemene basisinformatie over het programma en de doelstellingen
  • Uitgave Zo kan het ook! 7 succesverhalen
  • Magazine Zorg in Beweging
  • DVD Zo kan het ook! succesverhalen in beeld

Uitvoering

  • Uitgave Zo kan het ook! 7 succesverhalen
  • Magazine Zorg in Beweging
  • DVD Zo kan het ook! succesverhalen in beeld
  • Quickscan
  • Format voor het opstellen van een projectplan
  • Beweegwaaier Zo kan het ook!
  • Website www.onbeperktsportief.nl/zorg www.shnederland.nl/zo-kan-het-ook
  • Digitaal kennisplatform www.onbeperktsportief.nl/zorg www.shnederland.nl/zo-kan-het-ook

Hier zijn diverse tools te vinden ter ondersteuning van de uitvoering

  • Diverse monitoringslijsten voor zorginstellingen

Praktijkvoorbeelden

  • Uitgave Zo kan het ook! 7 succesverhalen
  • Magazine Zorg in Beweging
  • DVD Zo kan het ook! succesverhalen in beeld

Belangrijke documenten

Printen